Misþyrming, Kringa, Ritual Death en Nubivagant - Gebr. De Nobel 05/01/2023

Wouter Hommel | Photography © Eus Straver

Dat Misþyrming (IS) een band met Gebr. De Nobel heeft, blijkt wel uit het feit dat zij vandaag voor de vierde keer in acht jaar tijd (2015, 2017 en 2019) de Sleutelstad bezoeken. Net als de eerste keer, toen als één van de voorprogramma’s van Mgła, staan de IJslanders in de grote zaal. Deze keer zijn zij de hoofdact, wat een logisch gevolg is gezien de stijgende bekendheid van de band, dat vooral te wijten is aan het sterke songmateriaal en dito live reputatie. Voor de tiendaagse toer die op deze donderdagavond van start gaat, delen zij de nightliner met Nibuvagant (IT), Kringa (AT) en Ritual Death (NO).

Geopend wordt er door het duo Nubivagant, waarvan gitarist/vocalist Omega (drummer van onder meer Darvaza, Chaos Invocation en Libel Null) hedenavond een dubbele rol vervult. Meteen hierna kruipt hij achter de drumkit voor Ritual Death, omdat Nosphoros (Mare, Djevel en Whoredom Rife) er om onbekende reden niet bij kon zijn… Maar eerst dus Nubivagant, dat voor een bijna volle benedenzaal – de balkons zijn met ruim driehonderd bezoekers gesloten – aan hun set begint. Voor de sfeer is het podium uitgedost met allerlei kandelaren, brandende kaarsen, schedels en beenderen, alleen wordt meteen duidelijk dat de uitbundige lichteffecten vrijwel niets overlaten van de voorgenomen intieme setting. Enfin, vooralsnog bracht Nubivagant twee langspelers uit, waarvan ‘The Wheel and The Universe’ de meest recente is. Daarvan komt het slepende ‘The Mask And The Devil’ voorbij en valt op dat Omega niet schreeuwt, maar de kopstem (falsetto) gebruikt. Hoewel niet altijd even zuiver past het goed bij de doom-achtige black metal. Verder opmerkelijk is dat als de drummer langzaam speelt zijn snare goed te horen is, maar niet of nauwelijks tijdens de blast beats. Ook mis ik de lage tonen van een basgitaar, echter kan het er ruimschoots mee door.

Vervolgens tapt het Noorse Ritual Death, onder leiding van Wraath (Darvaza, Beyond Man, Mare, ex-One Tail, One Head), uit een veel lomper en gruiziger vaatje. De vocalist/gitarist gaat gekleed als Magere Hein, wiens gebrul te horen is met behulp van een headset-microfoon dat verstopt zit achter zijn schedelmasker. Ofschoon het er indrukwekkend uitziet, komt de podiumpresentatie wat statisch over. Onlangs brachten zij hun eerste langspeler ‘Ritual Death’ uit waarvan ‘Salomes Dance’ gespeeld wordt. De rauwe black/death metal dat het trio speelt, is goed te volgen en heeft genoeg riffs en drum-variatie om te beklijven. Op dat vlak doet het mij meermaals aan het Finse Archgoat denken, alleen worden de samples die op de kortspelers en de plaat wel gebruikt worden gemist. Of staan deze zo zacht dat ik ze vanaf de mengtafel mis? Na ruim een half uur laten zij een meer dan goede indruk achter.

Dan begint net iets na 21:10 Kringa aan hun set en gaan de Oosterijkers er meteen met gestrekt been in. Net als Ritual Death brachten zij kortgeleden nieuw werk uit in de vorm van een tweede album met de opmerkelijke titel ‘All Stillborn Fires, Lick My Heart!’. Vocalist/gitarist Vritra heeft zijn microfoon à la Lemmy hangen en gaat helemaal op in z’n rol. Vocaal wordt hij bijgestaan door bassist Berstuk, met matje. Het kwartet brengt (zeer strak gespeelde) black metal met een stevig punk-randje waar de energie vanaf spat. De drukke lichtshow draagt hieraan bij. Ondanks dat er genoeg liefhebbers van de band in de zaal aanwezig zijn, wil de vlam nergens echt overslaan. Het applaus is er na ieder nummer niet minder om. Doordat de muziek op hoog tempo door raast, dreigt het op momenten eentonig te worden. Toch wordt er soms wat gas teruggenomen voor de variatie. Desalniettemin een goed optreden en, achteraf genomen, de band met het beste zaalgeluid.

Wanneer ‘Hælið’, de instrumentale track van het tweede album ‘Algleymi’ (2019), ingezet wordt, weet je dat het tijd is voor Misþyrming. De IJslanders leverden vorige maand met ‘Með Hamri’ een dijk van een derde plaat af en ze zijn op oorlogspad. Het zaalgeluid is alleen nog niet helemaal goed uitgebalanceerd tijdens het eerste nummer ‘Allt Sem Eitt Sinn Blómstraði’. Vriend van de band Wraath neemt halverwege de vocalen over, net zoals hij op ‘Algleymi’ doet. Daarna wordt met het melodieuze/mid-tempo ‘Með harmi’ en het furieuze/geniale ‘Engin Miskunn’ de nieuwe schijf vertegenwoordigd. Naderhand gaat een fles rode wijn rond alvorens het Burzum-esque ‘Engin Vorkunn’ en tevens het laatste van de drie nieuwe nummers in de set wordt ingezet. Helaas laat het zaalgeluid het hele optreden wat te wensen over. Met name de drums van M.S. (ex-Svartidauði) en de leads van vocalist/gitarist D.G. komen hierdoor niet altijd even goed uit de mix. Met ‘Ég Byggði Dyr I Eyðimörkinni’ wordt er één nummer van het debuut ‘Söngvar Elds Og Óreiðu’ (2015) gespeeld, voordat er met het epische/melancholische ‘Ísland, Steingelda Krummaskuð’ na driekwartier een einde wordt gemaakt aan een zeer goede show en memorabele black metal avond.